wbrakman.nl

Staatsprijs voor Letterkunde (P.C.Hooftprijs) 1980

Rapport van de Jury, uitgebracht aan de minister (Gardeniers) van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk werk
Jury: T.van Deel, H.Kompen, G.Krol, J.Fontijn, C.Peeters, H.Verhaar

In Willem Brakmans roman 'Het zwart uit de mond van Madame Bovary' zegt de hoofdpersoon: 'Mijn leven lang heb ik altijd daar naar binnen willen stappen waar dat onmogelijk was: in een film, in een boek, in de heilige familie van de kerststal, in het rijtuig van de koningin, een passerende auto met lieve rijke dame of in een eigen herinnering'. Dit is wel een kernpassage te noemen uit een oeuvre - bestaande uit nu al elf romans en vijf verhalenbundels - waarin dat 'onmogelijke'op allerlei manieren toch beproefd wordt. Al in 'Een winterreis', Brakmans eerste roman, wordt een poging ondernomen om de verleden tijd terug te vinden en in alle volgende boeken is in verschillende variaties het protest aanwezig tegen de beperkingen die ons worden opgelegd door tijd en ruimte. Dat dit protest zich in feite richt tegen verval en dood is wel duidelijk en Brakman moet dan ook gesitueerd worden in, wat hij zelf noemt, 'de tragische traditie'.

Brakman begon met het schrijven van betrekkelijk eenvoudige, sensitief geschreven psychologische romans en verhalen en ontwikkelde zich - met als indrukwekkend keerpunt de bijbels-historische roman over Lazarus- De gehoorzame dode - tot een zeer persoonlijk en evocatief schrijver. De beeldende kracht van zijn werk, altijd al in sterke mate aanwezig, nam nog toe bij een grotere beheersing van stijl en vormgeving. Bovendien compliceerde zich de thematiek zodanig dat er ingewikkelde vertelvormen konden ontstaan als in Het godgeklaagde feest, De biograaf of Come-back.

De hoofdfiguren in Brakmans werk zijn praters, met een uitgestrekte binnenwereld. Geven ze iets prijs van zichzelf, en dat doen ze bij voortduring en op de meest ongelegen ogenblikken, dan worden ze gemakkelijk gekwetst. Ze zijn uit op de overbrugging van de afstand die ze maximaal ervaren tussen henzelf en de wereld, maar het lukt hen niet om begrip te ontmoeten voor hun pijnlijke sensibiliteit. Zo verwijzen ze op creatieve wijze bij uitstek naar het probleem van de verhouding werkelijkheid/verbeelding.

In het werk van Brakman wordt de verbeelding gevierd, maar ook telkens het chec ervan. Ludwig, uit de historische roman De blauw-zilveren koning, is de verbeelder pur sang, hij is in staat wat-hij-ook-bedenkt ten uitvoer te brengen in de werkelijke wereld, maar hij is tegelijk een personificatie van de eenzaamheid. In Het zwart uit de mond van Madame Bovary identificeert iemand zich zo hevig met de romanwereld van Flaubert, dat hij het onderscheid uit het oog verliest tussen boek en werkelijkheid en terecht komt in de ergst denkbare isolatie: het gesticht. De beeldend kunstenaar uit Kind in de buurt probeert zich zo in te leven in de moordenaar van een kind, dat hij er tenslotte door de buurtbewoners voor wordt aangezien, en doodgeslagen wordt.

Willem Brakman behoort tot die traditie in de Nederlandse literatuur waarin het protest tegen de gang van zaken in de wereld in een onsentimentele stijl wordt verwoord. De werkelijkheid wordt op een dubbele manier onder ogen gezien: in zijn mogelijkheden en in zijn onmogelijkheden. Uit deze instelling komt ook Brakmans stijl voort. Hij schrijft met een even geengageerde als ontmaskerende blik en geeft miet zelden ruimte aan sarcasme, terwijl ironie in zijn zuiverste vorm de teneur van zijn werk bepaalt. In dat werk straft de werkelijkheid de verbeelding bij herhaling af, maar het is de personages niet mogelijk van bet 'onmogelijke' af te zien. Zij willen tijd en ruimte tarten, zoals Brakman dat zelf doet als hij een roman of verhaal schrijft.

In interviews heeft Brakman er etterlijke keren de nadruk op gelegd dat hij schrijven beschouwt als 'vorm'geven: 'In mijn werk is zeker de angst het grondthema, maar wat is angst anders dan angst dat de wereld uit elkaar dondert, onsamenhangend, chaotisch wordt. Daarom is mijn schrijven zinvol en daarom kan ik het ook niet laten, het is een proces om in leven blijven. (...) Ik wil leven vanuit het besef dat het de moeite waard is om op te staan, je schoenen aan te doen, je te scheren, vragen te stellen. Hoewel de werkelijkheid eindeloos en op een onthutsend creatieve wijze ons voortdurend van het tegendeel wil overtuigen. Dat is de troost, en het raadsel, van de vorm.'

Allerlei eigenschappen van dit oevre: de stijl en compositie, de samenhang die het vertoont, de gedachtenavonturen, de erudiete verwijzingen, het virtuoze taalgebruik - dat alles ook wel als te overdadig gekritiseerd -, wijzen op een compleet en explorerend schrijverschap waarin iets op het spel wordt gezet. Sinds Brakman op betrekkelijk late leeftijd debuteerde is hij een gestaag producerend auteur gebleken, die geen ogenblik afgleed in routine of gemakzucht. Iemand bovendien die zich nooit heeft gericht naar de mode van de dag.

De hierboven alleen maar aangeduide kwaliteiten van zijn oevre hebben de jury in meerderheid van stemmen, doen besluiten Willem Brakman voor te dragen voor de P. C Hooftprijs 1980.

xhtml 1.0 | contact | disclaimer | copyright