wbrakman.nl

Over Gesprekken in huizen aan zee, Elsevier 6 t/m 11 mei 2002

Verraderlijk universum

Cluedo voor gevorderden in roman van Willem Brakman, waar elke zin, elk woord, weer voor een verrassingseffect zorgt

Thomas van den Bergh

De vorig jaar verschenen historische roman Tweeduister van Joke J. Hermsen speelt zich af in en om de fameuze Bloomsbury-group, het literaire clubje rond schrijfster Virginia Woolf. In deze roman vervlecht Hermsen de levens van Woolf en dichter T.S. Eliot tot een meeslepend verhaal over gestrande huwelijken. Zo maakte zij fictie van de historische werkelijkheid. En dat heeft Hermsen geweten. Een aantal critici verweet haar op bitse toon dat zij de feiten vrij naar haar hand had gezet, zonder zich te verantwoorden of gebruik te maken van een notenapparaat. Elsbeth Etty schreef in NRC Handelsblad: 'Handen af van Virginia Woolf.' Een wonderlijk verwijt, helemaal als je bedenkt dat Woolf er zelf ook geen been in zag historische figuren sprekend en wel op te voeren, zonder dat te verantwoorden. De vraag rijst wat Etty cum suis nu zullen vinden van de nieuwe roman van Willem Brakman, Gesprekken in huizen aan zee. Ook in deze roman treedt immers een schrijfster op onder de naam Virginie Wolff. De setting is weliswaar Haags, maar de hele sfeer is wel degelijk 'losjes ge´nspireerd op de zeden en gewoonten van het Bloomsbury-wereldje'. zoals de achterflap verklapt. Als er ooit iemand vrijelijk met de werkelijkheid is omgesprongen, dan is het Willem Brakman wel. Hij citeert, parodieert, suggereert en becommentarieert. Decor en tijd staan nooit vast, net zomin als de personages. En dat alles zonder noten.

Dat dit een ongelofelijk spannende manier van schrijven is, bewijst Brakman nu al meer dan veertig jaar. Wat is realisme toch saai, realiseer je je eens te meer als je verdwaalt in het verraderlijke universum van deze schrijver, waar elke zin, elk woord weer voor een verrassingseffect kan zorgen. Brakmans proza vereist enige lenigheid van de lezer, en de bereidwilligheid om de op causaliteiten gerichte leeshouding los te laten, maar dan heb je ook wat.

In Gesprekken in huizen aan zee zijn we verzeild geraakt in de kunstenaarswereld rond mevrouw Wolff. In haar grote Haagse (of Scheveningse?) huis verzamelen zich een zekere neef Karel, een theoloog, een dokter, een wiskundige, een schilderes, een jonkheer en een estheet. Zij voeren intellectuele discussies op een manier - scherp, ironisch - die je misschien 'Bloomsburyaans' zou kunnen noemen. Als op een zeker moment meneer Wolff op gewelddadige wijze aan zijn eind komt, verschijnt de inspecteur Lupijn ten tonele. Dan ontwikkelt zich een soort Cluedo voor gevorderden, waarbij achtereenvolgens de dokter, mevrouw Wolff, het kamermeisje, een opperwezen, en nog zo wat personages verdacht blijken.

Toch is de eigenlijke speurder niet inspecteur Lupijn. Dat is de lezer van deze quasi-thrilIer, die de verschillende stemmen poogt te ontwarren in dit uitwaaierende koor. Wat dat betreft is Gesprekken in huizen aan zee een echt Woolfiaanse roman, met een veelvoud aan voices die in een stream of consciousness onophoudelijk 'bekentenissen' doen. Een van die stemmen behoort de schrijver toe, die in lange cursieven het verhaal becommentarieert. Daarmee is dit een roman van interrupties, van oponthoud. Een verbazend geestige roman ook, die de lezer steeds op het verkeerde been zet. Zoals in deze typisch Brakmansiaanse beschrijving van een vrijage: "'Men moet eerst de pijl uit de koker nemen," zei ze. Daarna kroop ze op hem, lichter dan bij had gevreesd en van kleren was geen sprake meer. ( ...) Haar gezicht hing nu vlak boven het zijne. Mijn dreutel, mijn knalgaribaldi, mijn snolleke." (...) "Wat een mooie ivoren handen," kreunde de jonkheer geheel buiten hem om. 'wat een mooi sluik, zijden en zwart haar. Ook dat baardje heeft mijn grote instemming en die schouderbladen die ik mijn schuifdeuren noem . . ." " 'Ik wantrouw ieder denken, dat niet in staat is zichzelf te verrassen, voor de gek te houden, om de tuin te leiden, beentje te lichten,' laat Brakman ergens de estheet zeggen. 'Wie van tevoren weet wat hij allemaal gaat zeggen, die interesseert mij maar matig. (...) Als kind zocht ik al een boek dat zelf niet wist waarheen het voerde.'

Het is duidelijk dat Gesprekken in huizen aan zee zo'n boek is. Een virtuoos geschreven roman, van een schrijver die nu al veertig jaar aan een zeer consistent oeuvre bouwt. Niet-realistisch, maar, zoals mevrouw Wolff opmerkt, 'als zoveel schoons tezamen komt moet de waarheid zich maar buigen.'

xhtml 1.0 | contact | disclaimer | copyright