wbrakman.nl

Deze internetpagina's zijn gewijd aan de schrijver Willem Brakman. De pagina's zijn bedoeld als introductie op het schrijverschap én om relatief lastig verkrijgbaar materiaal toegankelijk te maken. Er is een bibliografie, diverse fragmenten uit het werk, schetsen en schilderijen van zijn hand, alsmede een geluidsfragment.

Gebruik het menu hiernaast om de verschillende onderdelen te zien en voor verdere informatie over De Brakmankring en de site.

NIEUW, exclusief voor WBrakman.nl:

Voorpagina: Archief

Klik hier om het archief te bekijken.

Gaven, giften, en vergiften


uit: Querido aanbiedingscatalogus:" Een onthullende briefwisseling van twee schrijvende artsen over depressies en de bestrijding daarvan"

Klik HIER om verder te lezen

Brakman: Ondersteboven van een boek


(Revisor: 1976)

Brakman: " Ondersteboven van een boek, wanneer was ik dat? Die vraag doet me schrikken, want ogenblikkelijk stelt men zich toch zoiets voor als een betraand oog, een van ontroering bibberende wang, een onthutst de stukken weer bij elkaar zoeken, en ook is er de wat angstige bijgedachte dat men bij het ontbreken van dergelijke reacties een lezersleven tekort is geschoten..."

Klik HIER om verder te lezen

Wie was Brakman, los van de schrijver


(uit: Twentse Courant, 21 october 2017)

Kamervragen over Willem Brakman


Politici hebben het er vanouds moeilijk mee: kunst gaat over politiek, maar de politiek gaat niet over kunst. De protestantse senator Algra klaagde in 1966 schrijver Willem Brakman aan wegens godslastering. Vergeefs...[Nico Keuning, Volzin, Augustus, 2017]

Klik HIER om verder te lezen

Willem Brakman in de oorlog


De Parelduiker, nr 4, 2017

Klik HIER voor meer informatie over het bestellen van Parelduiker (of bel: 020 5706 100)

Wim Noordhoek: " Brandstof en voedsel, daar ging de oorlog in Nederland over. In De Parelduiker geeft Nico Keuning een voorproef van de Willem Brakman-biografie waar hij aan werkt. Over diens enige oorlogsroman 'Debielen en demonen'.
 Geen spanning, sensatie of heldendom maar kou. Zijn vader sleept uit de wijde omgeving brandhout aan naar de Haagse Elsstraat, zijn moeder gaat op voedseltocht. De op een vals persoonsbewijs ondergedoken Willem studeert voor dokter in de laatste oorlogswinter. 'De kou slaat van elke bladzijde,' schijft Keuning..."

Klik HIER om verder te lezen

Interview: Willem Brakman


Brakman: “...Ik zou het helemaal niet erg vinden als een criticus mij op zou bellen. Natuurlijk moet wat je als schrijver bedoelt te zeggen in de tekst staan, maar ik vind het erg vervelend wanneer een recensent iedere keer zegt: ‘Móói geschreven, maar wat ermee bedóeld wordt, dat weet ik niet.’ Dat is toch onmacht? En onmacht, hoe bewonderend ook uitgeschreven, blijf onmacht. Dan moet je niet recenseren, vind ik..'
[Wam de Moor, De Revisor, 1985, jrg 12.]'”

Klik HIER om verder te lezen

Willem Brakman over citeren


Brakman stelt dat: “...citeren wel 'een heikele zaak' is. Hij maakt er altijd ruzie over met Jan Kuijper, zijn redacteur bij Uitgeverij Querido. Kuiper ontdekt nogal eens dat Brakman fout citeert. ,,Hij heeft gelijk,'' zegt Brakman. ,,Maar zo hangen de citaten nu eenmaal in mijn hoofd. Ik zeg altijd tegen Kuijper, en daar kan ik hem heel kwaad mee krijgen: mijn citaat is mooier dan dat van Shakespeare.' [Onno Blom, 31 december, 1998/Trouw]'”

Klik HIER om verder te lezen

Bart Vervaeck over Willem Brakman (Levensbricht)


“In de roman Late vereffening (1994) probeert de ik-verteller het leven van zijn vader te reconstrueren. Hij krijgt daarbij de hulp ‘van het tweede deel der Geschiedenis van de familie Brakman, de zogenaamde Aanvulling’. Dat boek is geen verzinsel. Het werd geschreven door J.A. Brakman en verscheen in 1937. Het eerste deel, dat vijftien jaar eerder gepubliceerd werd, beschreef de lotgevallen van de familie Brakman tussen 1540 en 1922. Het tweede deel ging verder terug in het verleden én vulde het hiaat tussen 1922 en 1937 aan. Dat Willem Brakman net in 1922 geboren werd en dus aan het begin van dat hiaat staat, is mooi meegenomen. Want hoewel de roman het verhaal van de vader lijkt te vertellen, gaat het in de eerste plaats over de zoon, die in de terugblik zijn vader omtovert tot een alter ego van zichzelf. Hoe meer hij over het verleden vertelt, hoe nadrukkelijker hij het over zichzelf en het heden heeft. Deze dubbele beweging zit ook in de reizen die de jonge vader aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog onderneemt en die hem onder meer naar Antwerpen brengen. Dat is niet toevallig de stad waar in de veertiende eeuw de eerste telg uit de familie Brakman (toen nog Braeckman) opduikt, tenminste volgens het tweede deel van de Geschiedenis. Late vereffening verbindt het verste verleden, de oertijd van de Braeckmannen, met het recente verleden van de vader en het heden van de zoon, dankzij een kroniek die in: feite een roman is.....(verscheen in iets gewijzigde vorm in: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden: 2015-2016, blz. 71-82)”

Klik HIER om verder te lezen

Wim Brinkman in gesprek met Willem Brakman (3)


Het interview eindigt met:
“Hoe vaak men zich, ondanks vele malen nauwkeurig lezen, nog kan vergalopperen in belangrijke detail-interpretaties (Job, Faust, de stierdoding, enz.) is wel duidelijk. De onjuiste interpretaties zijn vooral te danken aan het feit dat mijn beeld vaak aanmerkelijk duidelijker was dan dat van Brakman.
Uitspraken over de ‘onbewuste motieven’ van de schrijver, die in grote mate in mijn opstellen voorkomen, zijn waarschijnlijk in nog veel sterker mate aan de invloed van de tendentie tot ‘hinein-interpretieren’ onderhevig. Redelijke verifikatie was en is er niet bij, want wat zijn uiteindelijk Brakmans verklaringen over de aanvaardbaarheid van sommige stellingen waard? Hoe weet degeen die de droom uitlegt ooit of die uitleg juist is geweest? Het probleem is vrijwel alleen door lacherige kritici van de psychoanalyse gesteld. Vermoedelijk om dezelfde reden wordt het probleem van de juistheid van de interpretatie zelden door de literatuur-besprekers zelf gesteld. Hier ligt een zware, doch schone taak. Ik laat hem liggen....(uit: Maatstaf, 12de jaargang, 7 en 9, 1964-5)”

Klik HIER om verder te lezen

Wim Brinkman over Willem Brakman (2)


“De eerste vier verhalen uit ‘De weg naar huis’ gaan over een anonieme ‘hij’, een jongetje van naar schatting tien jaar. Vrijwel alle gebeurtenissen spelen zich af in het met grote precisie beschreven Duindorp (bij Scheveningen), waar Brakman is opgegroeid. Straten worden met name genoemd; scholen, kerken en winkels exact gelocaliseerd : met het boek in de hand kan men ze alle terugvinden. Dit realisme is waarschijnlijk ook oorzaak van de chaotische indruk die de verhalen maken: evenmin als het werkelijke bestaan hebben zij een duidelijke structuur en een pointe; hun indeling in allerlei sub-verhalen is tamelijk willekeurig en gemakkelijk zou men gedeelten uit het ene in het andere verhaal kunnen plaatsen zonder dat het de lezer zou opvallen. De esteten mogen uitmaken of het dan wel goede verhalen zijn.
Bij het laatste verhaal, Aner Hysteros, is dat in veel mindere mate het geval. Daar heeft de (veel oudere) hoofdpersoon een naam (Wunnemeiden), een baan (arts in een psychiatrische inrichting) en zelfs een soort verloofde (de verpleegster Tineke). De gebeurtenissen, samen een soort ‘Dag uit het leven van Wunnemeiden’ volgen elkaar in de normale tijdsvolgorde op. Naarmate echter de dag vordert en het alcoholpercentage in het bloed stijgt,...(uit: Maatstaf, 15 november 1964)”

Klik HIER om verder te lezen

Wim Brinkman over Willem Brakman (1)


“Die ene mens is het tweede boek van Willem Brakman. Het bestaat uit drie hoofdstukken, nl. De keuken (1-58), Tom (59-120) en Het gedicht (122-213). Elk hoofdstuk bestaat uit vier gedeelten, gescheiden door twee regels wit. De indeling in sub-hoofdstukken is betrekkelijk willekeurig.
Wim Akijn is een oudere-jaars-student in de medicijnen. Hij woont nog bij zijn ouders thuis (Den Haag). Het eerste hoofdstuk geeft een beschrijving van de benepen huiselijke situatie. De moeder verdient zijn brood en studie als verpleegster. Zij is de dominerende figuur in het gezin; de vader is een voortdurend bij de kachel in slaap vallende nul die de taak van de moeder binnenshuis heeft overgenomen: hij kookt, loopt rond in een keukenschort, ‘schuifelt gebukt voort met een handveger’ (27).
Wim Akijn zelf is een stereotiepe neurotikus met o.a. een grote afschuw voor de straatgeluiden. Hij loopt zo weinig mogelijk kollege, heeft geen vrienden en tracht zich tegenover de mede-studenten een houding te geven door de hoogleraren te imiteren, hij speelt de rol van nar en vreemdeling. Tegenover zijn vader toont hij een onverschillige verdraagzaamheid. Alleen met de moeder bestaat een werkelijk kontakt: tijdens het koffie-drinken bespreekt hij uitvoerig zijn studie-moeilijkheden en tracht zijn eksamen-angst op haar over te dragen...(uit: Maatstaf, 2 augustus 1964)”

Klik HIER om verder te lezen

Willem Brakman: De troost van de vorm


Tom van Deel:“Je zegt altijd: als ik schrijf, ga ik uit van een beeld. Wat bedoel je daar precies mee?"

willem Brakman: " Het heeft te maken met een werking van de creatieve geest. Het eerste doel waarop je je richt is dat van de samenhang. Het centraal opgestelde beeld is een mogelijkheid voor die samenhang, en iedereen die creatief is voelt instinctief dat dat de alfa en de omega is van alles wat je doet. Als je over het landschap van de eeuwen kijkt, en je ziet de oneindige variatie van werken die er is geschapen en de oneindige variatie in de inhoud, dan kom ik vaak in de verleiding om te zeggen: eigenlijk is er steeds maar één boodschap die de kunst brengt, en die is dat het leven zinvol is. Dat hebben van zin is in de kunst altijd neergelegd in maar één principe, het principe van de vorm. Daarmee bedoel ik niet de uiterlijke, maar de innerlijke vorm, de structuur, de samenhang. Het feit dat je al werkend bezig bent delen te doen samenhangen. Voortdurend probeert een schrijver de toevalligheid van wat hij onder handen heeft, het bijzondere van z'n materie, te tillen in de algemeenheid van de vorm. Daar ligt de boodschap. Op welke wijze hij het doet, welk materiaal hij heeft, is in wezen secundair. Hij vertelt eigenlijk maareen ding: dit segment dat ik uit het leven licht, verlost zich van zijn toevallig karakter, ik til het in de algemeenheid van de vorm, of in de laag van de noodzakelijkheid; in het toevallige laat ik het noodzakelijke, in het bijzondere laat ik het algemene zien. Met vorm bedoel ik dan een zodanige wisselwerking tussen deel en geheel dat de vraag naar het hoe en waarom niet zwijgt, en ook niet zwijgen wil. Dat vormprincipe zegt maar één ding: dat het leven zinvol is. Ik geloof dat de kunst aldoor bezig is die boodschap over te brengen, een beeldhouwer met marmer, een componist met toon.”

Klik HIER om verder te lezen

Willem Brakman: De reis van de douanier naar Betheim


Willem Brakman:“Kort geleden ben ik om redenen die hier niet ter zake doen uit een stadje gemieterd waarvan ik de naam maar niet zal noemen. Een onverkwikkelijke geschiedenis, vooral om de plotselinge en afschuwelijke nabijheid van veel mensen, een lauwe golf lelijkheid rolde en tolde over mij heen: paardenkopers, stamineebazen, kleine neringdoenden, een antiekhandelaar, een hoefsmid en nog zo wat brachten mij buiten het dorp; ik had daarbij ampel de gelegenheid waar te nemen hoe ze naar wijwater stonken, naar zure melk, rotte eieren en drank, en de hoefsmid voegde daar nog zijn drek- en stalgeuren aan toe. Hij had ongetwijfeld de dag van zijn leven, voor aan de stoet, eindelijk eens toegejuicht na een leven van vingers branden, blaren en op zijn duim slaan. Een van mijn armen hield hij triomfantelijk op mijn rug gewrongen, zijn andere knuist rukte geheel onnodig aan mijn haren, wat vreselijk pijn deed. Arme paarden.”

Klik HIER om verder te lezen

Willem Brakman: De geest groeit niet door vetten, koolhydraten en eiwitten


Willem Brakman:“Ik leef het lot van mijn boeken. Als ik ze in de winkel zie staan, achter glas, kromgetrokken door de zon, dan doet mij dat pijn.Lichamelijk. Ik voel het als een grote uitgestrekte kwetsbaarheid over heel Nederland verspreid te liggen."(uit; Het Parool, PZC, 21 maart 1981; interview Andre Oosthoek)”

Klik HIER om verder te lezen

Willem Brakman over de zin van literatuur


Willem Brakman:“Als arts had ik al een hekel aan mensen die door hun remmen gaan. Vrouwen die je bij hun bevalling moest bevechten, zó hysterisch waren ze...ik was vanaf de eerste dag volkomen ongeschikt voor dat vak. Een zeurvak...En dan naar de dokter; 'ik ben zo moe, altijd maar moe' Daar heb ik geen geduld voor...(uit; De arnhemse Courant, 15 april, 1989; interview William ten Brink)”

Klik HIER om verder te lezen

Willem Brakman als kogelstoter


“De enige kogelstoter die ik ooit gekend heb was de schrijver Willem Brakman. Teamsport - je bent schrijver of niet - was hem onmogelijk.”

Klik HIER om verder te lezen

Willem Brakman: Sneeuw (2)



Schilderij: Willem Brakman

Uit: Willem Brakman, Een goede zaak, (1995):
“Het sneeuwde al dagen over het standbeeld, dat tegenover het voorplein door witte dotten en plakken werd toegedekt: de Prins te paard vormde een schitterende onsamenhangendheid, gekroond door een vreemd gepluimde hoed. De Hofvijver was even groenzwart als dit grillige standbeeld, de gevels wijd en zijd innig grauw; ik kon het niet aangedribbeld krijgen vanwege deze droeve pracht.
Het is de innigste vorm van de dood die ik ken, de schoonste, en zo moeiteloos overal uitgestrooid in ontelbare meesterwerken dat het moeite kost om niet in God te geloven. Het eind van de middag tilt hierin de hoogste vroomheid, maar doet tegelijk vervallen in de diepste gram door de bruutheid waarmee drab en modder toeslaan, al moet ik zeggen dat de sneeuw zelfs dan nog wonderen verricht. Wie zich dan de paarden, koetsen, de hoge hoed en de gaslantarens voor de geest haalt kan er het beste maar even voor gaan zitten.”

Willem Brakman: Sneeuw (1)



Schilderij: Apol (1850-1936, Den Haag) -Besneeuwd bospad met paard en wagen

Uit: Willem Brakman, De bekentenis van de heer K, (1985):
"...'Sneeuw?' vroeg Julie, terwijl zij zich zo elegant mogelijk op een fluwelen taboeret neerliet.
'Ik zal het doek hier voor u neerzetten,' zei de antiquair terwijl hij het schilderij voorzichtig uit de etalage nam, 'het is een Apol en u kunt erop zien hoe zij via een paardenpad diep in de Scheveningse Bosjes binnendrongen. Geen voetstap meer te horen daar, en tussen voor en achter haar bestaat niet het minste verschil. Doodstil lag de sneeuw op de takken en takjes, het was als een eindeloos vlechten van wit in wit. Zij riep, maar haar stem was niet te horen, ze stampte tegen een stronk, maar ook dat gaf geen geluid, en zoals u kunt zien was er ook geen vogelzang. In overeenstemming hiermee is Apol dan ook afgeweken van het vulgaire wit en heeft sneeuwtonen aangebracht van veelzeggende allure: er is een zweem van kobalt, roze afgloed en een nauwelijks aanwijsbaar, maar overduidelijk aanwezig fond van violet.
Voor het ware sneeuwlandschap is sneeuw slechts voorwaarde.."

Arie Storm over De verhalen

Op 14 december 2013 besprak Arie Storm in zijn boekenrubriek op Radio 1, De verhalen van Willem Brakman

klik HIER om de uitzending te beluisteren. De bespreking begint na ongeveer 2 minuten



"De verhalen" verschijnt op 17 december 2013


View My Stats

xhtml 1.0 | contact | disclaimer | copyright